Kloofje in anus

Fissura ani

Na een operatie van een fissura ani verdwijnen de kramp en de pijn meestal direct. Het wondje geneest bijna altijd goed. Hebt u nog pijn? Dan kunt u een gewone pijnstiller (paracetamol) nemen. Het is mogelijk dat er na verloop van tijd opnieuw een kloofje in de anus ontstaat. De kans hierop is echter niet groot.

Klachten en symptomen

Een Fissura ani is een kloofje of scheurtje in de anus. Het kloofje zit meestal aan de voor- of achterkant van de anus. U voelt een scherpe pijn tijdens en vooral na het poepen. U kunt ook wat helderrood bloed verliezen.

Een kloofje in de anus ontstaat waarschijnlijk door te harde ontlasting. De huid van de anus scheurt in als de druk tijdens het poepen te groot is. De sluitspier van de anus raakt geïrriteerd en verkrampt. Daardoor stroomt het bloed niet meer goed door. De klachten worden vaak steeds erger. Door de pijn en de hoge spanning houdt u onbewust de ontlasting op. De ontlasting wordt daardoor hard. De volgende keer dat u moet poepen scheurt het kloofje weer open.

Onderzoek Het is voor de arts niet moeilijk om vast te stellen dat u een fissura ani hebt. De arts luistert naar uw klachten en bekijkt de anus.

Behandeling

De behandeling van het kloofje is meestal eenvoudig. Het belangrijkst is dat de ontlasting zacht is. Daarom moet u gezond eten en minstens twee liter watHeber per dag drinken. Probeer regelmatig naar de wc te gaan om verstopping te voorkomen. Ook een warm bad vermindert de spanning in de anus.

Bij hardnekkige klachten kan de arts een zalf voorschrijven. Deze zalf moet u zes weken lang, zes keer per dag gebruiken. Ook kunt u injecties krijgen met botuline toxine (Botox). De arts spuit dit middel in de inwendige kringspier. Daardoor neemt de spanning in de kringspier af. Ook verbetert de doorbloeding van het slijmvlies van de anus. Het kloofje krijgt zo de kans om te genezen.

Gaan uw klachten niet over? Dan kan een kleine ingreep noodzakelijk zijn:

Operatie van een fissura ani
De chirurg opereert een fissura ani alleen als alle andere behandelingen niet helpen. De meest toegepaste operatie is de LIS-operatie (Laterale Interne Sfincterotomie). De chirurg maakt een klein sneetje naast de anus. Via dit sneetje knipt de arts een deel van de sluitspier in. Dit neemt de spanning in de anus weg. De chirurg laat het operatiewondje meestal open. Dit voorkomt een infectie. De ingreep gebeurt meestal met een ruggenprik of onder narcose.